8 februari 2010 | Uit de fractie

Geen gedwongen samenwerking cliëntenraden

CDA-wethouder De Haan heeft bedacht dat de cliëntenraden die bijstandsgerechtigden en werknemers van de sociale werkvoorziening vertegenwoordigen samengevoegd moeten worden. De raden zelf voelden daar niets voor. De PvdA ook niet. Nu is het voorstel van tafel.

De raadscommissie Werk en Financiën besprak het voorstel gisterenavond. De wethouder had zich goed voorbereid. Hij liet een (ongetwijfeld duur) rapport schrijven door twee adviesbureaus. De opstellers beschrijven daarin verschillende scenario’s, van de huidige situatie tot een complete fusie. Hoewel de opstellers veel nadelen noemden van een fusie en het op een na meest vergaande scenario, adviseerden ze dat toch. Waarom? Omdat de andere scenario’s niet gewenst werden door de wethouder. Een merkwaardige manier van onderzoeken en rapporteren. Dat er geen draagvlak was bij de betreffende raden deed er niet toe.

Overleg
De PvdA bracht in dat een gedwongen samenwerking, waar geen van de raden zin in heeft, nooit veel kan opleveren. Bovendien wordt de afstand tussen de raden en de cliënten door het samenvoegen steeds groter. Volgens de PvdA duidelijke nadelen van een gedwongen fusie. De andere partijen, met uitzondering van de VVD natuurlijk, bleken het in meer of mindere mate met de PvdA eens. Daarom is besloten het voorstel niet naar de raad te sturen, en de wethouder op pad te sturen. Het voorstel is dus van tafel.

De wethouder moet nu doen wat hij meteen had moeten doen. Als een wethouder wil dat twee clubs gaan samenwerken zet je dat niet in een onderzoeksopdracht aan een bureau, maar ga je in overleg met die twee clubs. Vraag of er behoefte is aan samenwerking, en verken hoe je die samenwerking kunt ondersteunen. Kom dan daarna bij de gemeenteraad en vraag steun voor een gezamenlijk gedragen plan.

Lichtpuntje
Gelukkig was er nog wel een lichtpuntje. De cliëntenraden willen wel graag samenwerking en hebben de eerste stappen daartoe al gezet. Dat heeft de PvdA van harte ondersteund, en dat moet de wethouder ook gaan doen.

17 Reacties op dit artikel | Laatste reactie: 10 februari 2010 - 12:22

Robert-Jan van Ette | 8 februari 2010 - 17:39 | Link

Adviesbureaus en adviescommissies weten bijna altijd verdomd goed wie hun opdrachtgever is en wie dus de (vorstelijke) rekening betaalt. En is het niet prachtig, zo'n sausje onafhankelijkheid ;-)

Zo zijn er inmiddels drie commissies (Don, Frijns en Goudswaard) geweest die hun broodheer prachtig naar de mond praten over het pensioenstelsel. Donner vindt dat de pensioenleeftijd omhoog moet, en de door hem betaalde commissies vinden dat (natuurlijk) ook.

Een witte raaf in deze is lijkt de commissie Davids te zijn. Maar ja, dan staat JPdeMP dan ook te schuimbekken dat het allemaal niet waar is.

Het zou goed zijn als er eens een onderzoek komt naar de (onafhankelijkheid van de) onderzoekers. Maar ja, wie gaat daar de opdracht voor geven....

albert simonis | 8 februari 2010 - 18:50 | Link

Mooi dat dit inzicht nu toch ook tot een (toekomstig?) fractielid is doorgedrongen. Toen ik iets soortgelijks opperde ivm de onderzoeken naar nut & noodzaak van de RGL, was de betreffende woordvoerder hoogst verontwaardigd. En toen kon ik mij nog beroepen op uitspraken van de betreffende wethouder.

Robert-Jan van Ette | 8 februari 2010 - 20:39 | Link

Het zou denk ik in het algemeen goed zijn als de gehele onderzoeksopdracht openbaar wordt gemaakt.

Robert-Jan van Ette | 8 februari 2010 - 20:40 | Link

Dan kan de controlerende macht daarop en op de uitkomst beter controle uitoefenen.

Ton de Bruijn | 8 februari 2010 - 23:23 | Link

Het uitoefenen van controle door de Raad (de controlerende macht) zoals die op de dualistische tekentafels is bedacht is een fictie; in het door Albert aangehaalde voorbeeld wordt helemaal niks gecontroleerd en ook niet bij de Ringweg Oost, was dat maar zo. Als het zo uitkomt, hetgeen meestal het geval is, wordt gewoon partijpolitiek bedreven door het "eigen" College of Wethouder te volgen.

Met de stelling van RJ ben ik het overigens wel eens.

Jan-Jaap de Haan | 9 februari 2010 - 13:56 | Link

Voor alle duidelijkheid: het onderzoek was tweeledig: 1) ter evaluatie van het functioneren van de clientenraad en 2) een doorkijk naar de toekomst (ivm. allerlei ontwikkelingen in de sociale zekerheid).

Daarbij is door de opdrachtgever inderdaad verzocht om het integrale model voor één adviesraad voor werk en inkomen óók te bekijken (naast andere opties en in overleg met betrokken raden).
De mate waarin het rapport de 'broodheer' naar de mond praat is nogal beperkt, omdat het rapport concludeert dat er op dit moment bij de betrokken raden eigenlijk geen draagvlak is voor dit scenario. Ipso facto heeft naar mijn mening dan ook onafhankelijk zijn werk gedaan.

Het college heeft daarop voorgesteld om vooralsnog een minder vergaand voorstel te doen, nl. (als tussenstap) een 'participatieraad' in te stellen, waarin afgevaardigden van beide clientenraden zitten zouden nemen, onder een onafhankelijk voorzitterschap.

Deze afgevaardigden zouden dan gezamenlijk kunnen adviseren over zaken als werkplein en participatievisie, waar verschillende doelgroepen allebei mee te maken hebben.
Helaas vond de commissie ook dit model in meerderheid geen goed idee. Die discussie staat m.i. los van de onafhankelijkheid van het bureau.

Kees Walle | 9 februari 2010 - 15:30 | Link

Er is een gezegde dat luidt: wanneer verkiezingen helpen, zouden ze direct worden afgeschaft. Omdat ik geen anarchist ben, deel ik die mening niet. Maar er zit wel een kern van waarheid in en dat geldt zeker voor allerlei z.g. advies- en cliëntenraden.

Zelf heb ik in mij werkzame leven zes jaar lang de COSBO en de Ouderen Adviesraad Leiden (AOL) ondersteund. In mijn ervaring waren het gezelschappen die - net als de andere raden - werden geacht om het gemeentelijk beleid te legitimeren ('Spreekt u maar in, maar ik, de wethouder, doe toch mijn zin'). In dat verband heb ik vooral slechte herinneringen aan de bejegening door de toenmalige PvdA-wethouder Hans Buijing. Zelfs in kleine zaken van onbeduidend belang wist hij van geen wijken - op het kinderachtige af. Hij was ook degene die de COSBO en de AOL wilde samenvoegen. Omdat de twee organisaties in veel opzichten eenzelfde agenda hadden, viel daar veel voor te zeggen. Maar voor Buijing was de hoofdzaak dat hij minder met de ouderenvertegenwoordigers hoefde te spreken. En passant kon hij ook nog voor 50 % op de ondersteuning bezuinigen. De weerstand vanuit de ouderenorganisaties negeerde hij met minachting.

De hier geschetste gang van zaken had en heeft een fnuikend effect. De deelnemers aan deze raden zijn vrijwilligers. Terwijl voor een stadsbestuurder en zijn ambtenaren de salariskassa permanent rinkelt, worden vrijwilligers gemotiveerd door hun idealisme of als vertegenwoordigers van een groepsbelang. Maar behalve een kop koffie en een kleine onkostenvergoeding ontvangen ze voor hun inspanning geen stuiver. Hun beloning bestaat er uit dat ze in het beste geval hun opvattingen in het gevoerde beleid herkennen.
Maar wanneer niet aan die verwachting wordt voldaan, houden de meest kritische vrijwilligers het op den duur voor gezien ('Je kan praten als Brugman, maar het levert toch niets op'). De minder kritische deelnemers blijven dan achter - en dat is voor de wethouder wel prettig. Zodoende kan hij in de gemeenteraad lastige vragenstellers van zich afhouden door naar de instemming van de betreffende advies- of cliëntenraad te verwijzen.

Ik heb geen inzicht in het reilen en zeilen van de twee cliëntenraden en doe daarover geen uitspraak. Maar het feit dat een wethouder iets wil bereiken (door desnoods met belastinggeld een prijzig onderzoeksbureau in te huren), terwijl de cliëntenraden dat niet willen, klinkt mij zeer bekend in de oren. Het optreden van Jan-Jaap de Haan in deze is wat mij betreft déjà vu.
Wanneer ik bezoekers aan mijn tafel ontvang, dan schenk ik ze geen koffie als ze liever thee drinken. Ga ik ze toch koffie opdringen, dan is dat onfatsoenlijk.
Daarom doet het idee van De Haan, of het nu wel of niet goed is, niet ter zake. Zijn gasten willen het niet - en eigenlijk zou de wethouder al zijn handen dicht moeten knijpen in de wetenschap dat er vrijwilligers zijn die bereid zijn om over zijn beleid mee te denken en te praten. Met de inrichting van die raden dient hij zich niet te bemoeien.

Ton de Bruijn | 9 februari 2010 - 16:17 | Link

Wat ging er eigenlijk allemaal mis met de clientenparticipatie dat er twee adviesbureau's aan te pas moesten komen om het spul weer op de rails te krijgen, dat lees ik namelijk nergens.
Zelf zeg ik altijd "het mag best wat kosten maar dan heb je ook wat" maar als ik het goed begrijp heeft het hier best wel wat gekost maar hebben we nu niks. Hoeveel ongeveer Jan Jaap?

een Leids burger | 9 februari 2010 - 16:25 | Link

Dus eigenlijk zou "de bende van Meijer"(grapje natuurlijk: lees cliëntenraad Sociale Zaken) in het oorspronkelijke voorstel moeten gaan fuseren met de cliëntenraad van de WSW. (Sociale werkvoorziening)
Als dat maar goed gaat....

- I.v.m. het door wethouder De Haan genoemde punt 1 zou het wel interessant zijn om van hem te vernemen hoe hij dan nu aankijkt tegen het functioneren van de twee aparte cliëntenraden.

- I.v.m. het door wethouder De Haan genoemde punt 2 begrijp ik dat hij voorstander is van samenvoegen van cliëntenraden. Nu begrijp ik best dat een wethouder niet zit te wachten op , bij wijze van spreken, honderd verschillende cliëntenraden die allemaal ook nog eens hun eigen advies mogen geven.

Citaat van dhr. Kees Walle:
"Maar wanneer niet aan die verwachting wordt voldaan, houden de meest kritische vrijwilligers het op den duur voor gezien ('Je kan praten als Brugman, maar het levert toch niets op')". Inderdaad. Cliëntenraden mogen wel advies geven. Maar goede adviezen worden toch vaak niet overgenomen en dat kan op den duur zeker frustrerend werken.

Als de wethouder vooraf overleg zou hebben gevoerd met beide cliëntenraden had hij toch al kunnen weten dat voor dat samenvoegen helemaal geen draagvlak bleek te zijn en hadden er toch niet 2 (waarschijnlijk peperdure) adviesbureaus ingeschakeld hoeven te worden?

Of moest dat rapport van die adviesbureaus de (gemeente)raad misschien overtuigen van de door de wethouder gewenste fusie?

Maar hoewel er ook enige overeenkomsten zijn blijven er toch ook verschillen tussen beide cliëntenraden met hun eigen doelgroepen. Samenwerking kan natuurlijk ook zonder fusie.

albert simonis | 9 februari 2010 - 16:32 | Link

Als oud-lid van zowel een Ondernemingsraad als een Cliëntenraad kan ik Kees' verhaal alleen maar onderschrijven. "Inspraak is prima, als het maar geen tegenspraak wordt" vond mijn eerste baas die tot het oprichten van een OR werd verplicht. De resultaten waren er naar: er werd een hoop papier geproduceerd, maar van serieuze machtsuitoefening heb ik nooit iets gemerkt.

Bij de Cliëntenraad van het verpleeghuis waar mijn schoonmoeder in zat was het niet anders. Stukken kwamen niet, te laat of in een onbegrijpelijk jargon, keuzes bij sollicitaties waren uit hooguit 3 kandidaten uit dezelfde mal, die al door de Raad van Toezicht waren uitgeselecteerd uit een groter aantal. Je werd verder wel netjes behandeld, maar kreeg niet het idee dat je aanwezigheid meer voorstelde dan een schaamlapje voor de leiding dat wel leuk oogde in het jaarverslag en bij het jaarlijkse bezoek (controle kon je dat niet noemen) van de inspectie.

Je vraagt je dan af of het zin heeft om deel uit te maken van zo'n club: het alternatief is wegblijven en dat helpt al helemaal niet. Ik denk dat de aanwezigheid van een scherpe Cliëntenraad toch een zekere invloed heeft. Kijk naar de CR SoZa: de gecontroleerden hebben wel de pest aan Eltjo Meijer, maar ze zijn tegelijk ook op hun hoede voor zijn oordeelsvermogen en scherpe pen. Het is helaas niet elke CR gegeven om zo´n erudiete en onverschrokken voorzitter te hebben, maar de wet verschaft een kader waarin best nog wat hinderlijke controle kan worden uitgeoefend op de powers that be. Af en toe de tanden laten zien en de grenzen van de bevoegdheden opzoeken kan soms nuttig zijn.

Cliëntenraad SoZA | 9 februari 2010 - 16:38 | Link

De Cliëntenraad SoZA is zeer verheugd over de uitkomst van het debat in de commissie W&F afgelopen donderdag. Daarmee is voor de Cliëntenraad SoZA een moeilijke periode afgesloten. Nu kunnen we ons weer met de toekomst bezighouden en ons volledig op de eigenlijke taken concentreren. Hoog op de agenda staan al enige tijd kwaliteitsverbetering en (waar en wanneer nuttig) samenwerking met andere cliëntenraden.
Soms moet een al wat langer bestaande organisatie wel eens wakker worden geschud en misschien was dit bij ons ook wel een beetje het geval. In die zin heeft de hele exercitie wel enig nut gehad.

De leden van de commissie en de wethouder danken wij voor een goed en lang debat over de cliëntenparticipatie WWB, Wsw en WIJ, waarbij ook de rol van de voorzitter niet onvermeld mag blijven. Zij leidde flexibel en niet met een stopwatch in de hand.

Het ingetrokken raadsvoorstel en onze reacties vindt u op onze website, pagina 'Documenten':

http://www.clientenraad-leiden.nl

Een citaat uit ons commentaar op het rapport willen we u hier echter niet onthouden.
Er "wordt de suggestie gewekt dat de adviezen van de Cliëntenraad 'veelal negatief van karakter' zouden zijn met 'te weinig inhoudelijke verdieping'. Men kan uiteraard kritiek hebben op de aanbevelingen en standpunten van de Cliëntenraad, het verwijt van negativiteit en een gebrek aan inhoud is echter onredelijk en aantoonbaar onjuist. Misschien houden sommigen een andere opvatting dan die van het openbaar bestuur voor te weinig inhoudelijk en (...) verwart men kritiek met negativiteit. Wellicht hebben enkele functionarissen moeite met een 'liever niet' of 'het kan anders en beter'. (...) De opstelling van de respondenten van de gemeente Leiderdorp, die aangeven 'graag scherp gehouden te worden door een goede sparringpartner' lijkt ons een constructieve en verstandige."

Namens de Cliëntenraad SoZA
(E. Meijer)

Jan-Jaap de Haan | 9 februari 2010 - 21:18 | Link

@ Kees (e.a.): De clientenraden zijn niet zozeer 'gasten' alswel ook adviesorganen van het college en (in dit geval ook) de raad. Daarbij is het m.i. niet merkwaardig dat het college een evaluatiemoment aangrijpt om te onderzoeken of die advisering nog verder verbeterd kan worden, juist omdat ik zeer hecht aan goede clientenparticipatie.
Daar is gezien een aantal ontwikkelingen in de sociale zekerheid (o.a. het ontstaan van de participatiebudgetten en de integrale dienstverlening via werkpleinen) best iets voor te zeggen. In andere gemeenten gebeurt dit ook op andere manieren (soms zelfs inclusief de WMO).
Daarnaast mag gezegd dat WWB-clienten uit Leiderdorp op dit moment niet vertegenwoordigd zijn en ook inburgeraars niet mee-adviseren over het beleid. In het collegevoorstel zou bijvoorbeeld aan die 'tekortkomingen' tegemoet gekomen worden.
Bij geconstateerd gebrek aan steun (onder de clientenraden) voor het model dat ik daarbij voor ogen had, heeft het college voorgesteld om een ''tussenstap'' te maken (zie hiervoor).
De raadscommissie heeft nu aangegeven de advisering liever te laten zoals deze is en vertrouwen te hebben in de vrijwillige samenwerking tussen de raden. Gezien het feit dat de adviesraden ook advies aan de gemeenteraad geven, heb ik geen enkel probleem om die wens te honoreren.

Voor het overige laat ik het graag aan Eltjo over om te bevestigen of ontkennen dat ik de clientenraad altijd als een serieuze en deskundige gesprekspartner heb beschouwd en dat hij altijd toegang tot mij had voor gesprek en advies.

Wat mij betreft is het goed dat er een heldere evaluatie van de afgelopen jaren ligt en dat er een goede discussie is geweest over de toekomst (waarbij dus ook een alternatief voor de huidige werkwijze) is bekeken. Des te bewuster is nu de keuze gemaakt om verder te gaan met de huidige clientenraden.
Tenslotte: het bureau IpsoFacto is niet ingehuurd, zoals hierboven gesuggereerd, om mijn mening aan de raad over te brengen (dat kan ik ook zonder bureau wel), maar om -zoals afgesproken was- de clientenparticipatie voor de WWB na 4 jaar te evalueren.
Daarbij heeft het bureau ook een vergelijking tussen de Leidse werkwijze/ervaring en andere modellen gemaakt, waaronder het model dat ik voor ogen had (maar ook modellen die ik nog niet kende).

Kees Walle | 9 februari 2010 - 21:36 | Link

Natuurlijk ben ik het met Albert eens dat een scherpe cliëntenraad van belang is, zeker als er geen alternatief is.
Maar helaas zijn niet alle deelnemers even scherp, voldoende geïnformeerd of steken ze er genoeg tijd in. Daar komt nog bij dat het gros van de achterban - zoals bij de vakbonden - weinig interesse toont en het moeite kost voor de raden om voortdurend 'scherpe' mensen te recruteren. Wanneer dat niet of onvoldoende lukt kan ook de representativiteit in het geding komen.
Bij de ouderen die ik ondersteunde was er nog een ander probleem: het ouder worden brengt fysieke ongemakken met zich mee en voor sommige deelnemers werd het steeds moeilijker om de vergaderingen bij te wonen en uit te zitten.

En nog iets anders: in het geval van de ouderen heb ik vaak gemerkt dat advies op prijs werd gesteld (al belandde dat meestal in een lade), maar óók dat De Haans voorganger ernstig begon te steigeren wanneer het aankwam op belangenbehartiging en er toezeggingen van hem werden verwacht. Nee, dat was dus niet de bedoeling.

Cliënten- en adviesraden kunnen pas gedijen wanneer ze kritisch zijn, daarvoor de ruimte krijgen en desnoods veroveren. Zo niet, dan dreigen het facades te worden waarachter bestuurders zich comfortabel verschuilen.

In het geval van de Cliëntenraden SoZa en SWV is - dankzij de PvdA c.q. Roelof van Laar - een ongewenste samenvoeging voorkomen. Maar eigenlijk had die interventie onnodig moeten zijn en had de wethouder zich niet tot de gemeenteraad moeten richten om zijn zin door te drukken, maar uitsluitend met de CR's moeten verstaan. Hopelijk heeft J.J. de Haan van zijn faux pas geleerd.

(Ha, onze Leidse Burger is weer terug van vakantie !)

Ton de Bruijn | 9 februari 2010 - 23:06 | Link

Wat mij betreft is het antwoord van JJ duidelijk.

Kees Walle | 10 februari 2010 - 01:40 | Link

@Jan-Jaap

Zoals gezegd heb ik geen oordeel over het functioneren van de twee cliëntenraden en ook niet over de relatie die jij met beide hebt. Verder wil ik graag geloven dat je de cliëntenraden altijd als een serieuze en deskundige gesprekspartner hebt beschouwd en dat je je steeds toegankelijk opstelt – wie ben ik om dat te ontkennen?

Maar uit je bijdrage - en dat soort verhalen herinner ik mij maar al te goed van je voorganger – proef ik een nogal corporatistische visie op de cliëntenraden. Zo van in de trant: wij staan immers voor hetzelfde doel. Maar naar mijn mening zijn advies en belangenbehartiging moeilijk te scheiden. Wanneer de Cliëntenraad SoZa bijvoorbeeld fulmineert tegen de min of meer gedwongen tewerkstelling van bijstandgerechtigden à la Rotterdam of tegen de praktijk van arbeidsreïntegratie en daar een advies over uitbrengt, dan staat dat natuurlijk niet los van cliëntenbelangen. Dat betekent dat in de grond van de zaak dat de belangen van wethouder en cliëntenraad niet identiek zijn. Zeker niet in de praktijk van de WMO waarbij een zuinig stadsbestuur met een besparing op de uitkeringen lantaarnpalen en andere leuke dingen kan aanschaffen.

Daarmee ontken ik niet dat een wethouder geen opvattingen mag hebben over goede cliëntenparticipatie en een aantal andere zaken die je aanvoert. Maar dan denk ik wel bij mezelf: wanneer die relatie met de cliëntenraden zo goed is als jij zegt, dan kan je je mening toch ook via een notitie verspreiden of tijdens een vergadering ter sprake brengen? En proberen daar overeenstemming over te bereiken? Want wat voegen de meningen en aanbevelingen van twee onderzoeksbureaus toe wanneer die voor jou of de cliëntenraad niet acceptabel zijn (zoals nu op het punt van de samenvoeging gebleken is)? Of is het de bedoeling dat de onderzoekers optreden als arbiter?

Misschien ligt het wat anders wanneer er indertijd met wederzijdse instemming van wethouder en cliëntenraad afspraken zijn gemaakt om er voor de evaluatie een onderzoeksbureau op te zetten. In dat geval sta ik met mijn mond vol tanden.

Maar dan nog denk ik dat je voor de ongetwijfeld gepeperde rekening van IpsoFacto beter een bonte avond had kunnen organiseren. Dan hadden honderden bijstandgerechtigden een leuk verzetje gehad, was jij populairder dan ooit en wie weet zou het CDA er op 3 maart van profiteren (aangenomen dat de Leidse bijstandgerechtigden niet doorhebben wat Donner allemaal voor ze in petto heeft – maar dat is een ander verhaal).

een Leids burger | 10 februari 2010 - 12:18 | Link

Laat ik eens twee citaten combineren:één van wethouder De Haan en de andere uit een reactie van de voorzitter van de cliëntenraad sociale zaken op het evaluatierapport:

citaat 1:"...dat ik de clientenraad altijd als een serieuze en deskundige
gesprekspartner heb beschouwd en dat hij altijd toegang tot mij had voor gesprek en advies."
citaat 2:"III. Voorlopige conclusie's:....Ook zouden de contacten met de wethouder Werk en Inkomen kunnen worden verbeterd."

Hoewel het één het ander niet uitsluit verliepen die contacten (gesprekken) blijkbaar niet altijd even soepel. Daarvoor zijn vast meerdere redenen. Eén daarvan is waarschijnlijk dat beide partijen immers óók verschillende belangen hebben en dat kan wel eens botsen.

een Leids burger | 10 februari 2010 - 12:22 | Link

Eerder typte de wethouder, in zijn eerste reactie in deze draad, dat het doel van het inhuren van een adviesbureau TWEEledig was. En m.b.t het voorstel van het college over die "participatieraad": "Helaas vond de commissie ook dit model in meerderheid geen goed idee." Nu het tweede doel blijkbaar nog niet haalbaar is maar nog (lucht)ledig blijkt te zijn concentreert hij zich NU dan vooralsnog maar op het eerste doel. Verstandig natuurlijk....

Een evaluatie van het functioneren van de cliëntenraad Sociale Zaken (1e doel) d.m.v. adviesbureaus kan natuurlijk geen kwaad. Echter, voorzover is na te gaan uit wat de clientenraad Sociale Zaken daarover op haar site heeft geplaatst, zie ik in haar reactie op de rapportage toch niet zo veel nieuws wat voor mij nog niet bekend zou zijn. Wat weet men dan eigenlijk nu meer dan voorheen wat nog niet alreeds bekend zou zijn? Ik vraag me dan ook af wat de toegevoegde waarde van zo'n evaluatierapport is. Ook omdat niet alles wat in dat rapport staat juist is.

Maar bijvoorbeeld bij de opmerking dat "de interne voorzitter door sommigen overheersend wordt gevonden" kan ik mij wel iets voorstellen.....(pag.36.) Ook dat is echter niet nieuw.
En wat die opmerkingen over negatieve kritiek betreft (pag.50): De clientenraad sociale zaken zou zich pas ècht zorgen moeten gaan maken als er in het rapport vermeld zou zijn geweest dat de cliëntenraad vrijwel alleen maar "positief" zou zijn geweest over het gevoerde beleid. Dat is gelukkig hier niet het geval. Ja-knikkers zijn er elders immers al meer dan genoeg....

Citaat dhr. J.J. De Haan, hierboven in deze draad, over tekortkomingen:
"Daarnaast mag gezegd dat WWB-clienten uit Leiderdorp op dit moment niet vertegenwoordigd zijn en ook inburgeraars niet mee-adviseren over het beleid."
Ook die "tekortkomingen" en andere waren al bekend. De cliëntenraad sociale zaken is (nog) geen afspiegeling van haar achterban. Maar het blijft natuurlijk wel moeilijk om geschikte personen te vinden. Want hoe kan nu bijvoorbeeld een inburgeraar "mee-adviseren" over beleid en uitvoering als die bijvoorbeeld de Nederlandse taal nog onvoldoende beheerst? (En dan heb ik het natuurlijk niet over een verkeerd geplaatste spatie of komma hoor Albert...)
Maar de cliëntenraden gaan nu op het gebied van werk en inkomen samenwerken en streven
naar "kwaliteitsverbetering."

Reactieformulier

Reageren kan op twee manieren:

  1. Met je naam en e-mailadres: je moet je reactie per e-mail bevestigen.
  2. Met je eigen account: je reactie wordt automatisch geplaatst. Hiervoor moet je wel ingelogd zijn.